• PASSION MEETS SPIRIT

Nieuws

Lindemans Aalst wil tegen Guibertin het jaar in schoonheid afsluiten

Warre Mertens: “We mogen geen steken laten vallen”

Lindemans Aalst speelt zaterdag zijn laatste wedstrijd van het jaar tegen Guibertin. Voor het duel tegen de voorlaatste in de stand wordt sporthal Schotte ondergedompeld in Kerstsfeer. Alvorens de winterbreak in te gaan, wil de thuisploeg nog één keer vlammen. Na het 2-3-verlies tegen VHL kunnen de Ajuinen zich geen nieuw puntenverlies veroorloven.

De pijnlijke nederlaag in Leuven waarbij Aalst voor de vierde keer dit seizoen een 2-0 voorsprong uit handen gaf, werd uiteraard nog besproken. Wij legden ons oor te luisteren bij de 18-jarige opposite Warre Mertens. De benjamin van de selectie maakte in Leuven een heel korte invalbeurt.

Warre: “Ik kwam op het veld om het blok te versterken, maar omdat onze opslag gemist werd, kwam ik niet in actie. Het verlies tegen VHL werd besproken. Het gevoel was dit keer anders dan in de andere duels waarin we een 2-0 uit handen gaven. In de eerdere wedstrijden viel onze servicedruk weg en begonnen we veel te missen. Dat was nu niet echt het geval. We waren twee sets dominant en slaagden er toch opnieuw niet in om het af te maken. Heel veel woorden hebben we er niet meer aan vuil gemaakt. Daarvoor was de teleurstelling te groot. Het is beter om het achter ons te laten en vooruit te kijken. Iedereen zoekt naar oplossingen, zowel de spelers als coach Frank Depestele. We hebben zowel op fysiek als mentaal vlak gewerkt. Een echte verklaring is er niet en een oplossing zal er pas zijn als het ons niet meer overkomt”.

Door het puntenverlies in Leuven deden jullie geen goede zaak in de strijd om een plekje in de BeNe Conference.

Warre: “Alles is nog mogelijk. We hebben ons lot nog in eigen handen, maar we mogen inderdaad niet te veel steken meer laten vallen. Iedereen is bereid om ervoor te vechten. Het doel om de top vier te halen, is onveranderd. Zaterdag tegen Guibertin moeten we geconcentreerd zijn en voluit voor de drie punten gaan. In de heenwedstrijd tegen Guibertin was ik geblesseerd. Ik sukkelde met een ontsteking van de slijmbeurs in de schouder. Ik had pijn bij elke slag en moest een week ontstekingsremmers nemen. Ik heb nadien goed gewerkt bij de kinesist. Af en toe is er nog een kleine opflakkering, maar het ergste leed is geleden.”

Je begon met volleyballen bij WeGi Lille, een club uit de Kempen. Nadien volgde Amigo Zoersel en de Volleybalschool. Hoe kwam je bij Lindemans Aalst terecht?

Warre: “Na twee en een half jaar in de Volleybalschool speelden zij een rol in mijn transfer naar Aalst. Manager Johan Devoghel nam eerst contact met mijn ouders. Nadien sprak ik ook met hem. Ik ben heel tevreden in Aalst. We trainen veel en ik heb al veel bijgeleerd. We worden ook prima begeleid op fysiek vlak. Ik vind van mezelf dat ik al heel wat stappen heb gezet. Het kan altijd nog beter en ik blijf dan ook hard werken.”

Als opposite moet je de concurrentie aangaan met de Canadees Henry Rempel. Je hoopt wellicht op wat meer spelgelegenheid?

Warre: “Die schouderblessure heeft me wat afgeremd. Ik ben nog op zoek naar mijn niveau van ervoor. Ik heb er vertrouwen in dat Frank misschien wel beter dan ikzelf zal weten wanneer ik er klaar voor ben. Ik hoop mezelf te kunnen laten zien in België. Op langere termijn is het mijn droom om voor de nationale ploeg en in het buitenland te spelen. Voor het zover is zal er nog hard gewerkt moeten worden. Voor een jonge speler is Lindemans Aalst een heel mooie club om te beginnen. Als hoofdaanvaller kan ik vrij veel druk zetten met mijn opslag. Ik heb ook veel power in mijn aanval. Met mijn block heb ik wat gesukkeld. Coaches Frank en Joost hebben me al heel goed geholpen op dat vlak, maar het kan zeker nog beter.”

Je combineert het volleybal bij Aalst met studies kinesitherapie in Gent.

Warre: “Omdat ik bang was dat het moeilijk te combineren zou zijn, heb ik bewust niet zo veel studiepunten opgenomen. Ik woon in Gent, we trainen vaak en ik kom ’s avonds vaak laat thuis. Ik doe mijn best om beide zaken te combineren. Op 20 en 25 januari volgen de eerste examens.”

Tekst: Dominic Beckx.